De ruimtes onder het Zuidstation vormen zo’n ontzettend gemiste kans om de buurt meer leven in te blazen. Elke zondag een Zuidmarkt is al fantastisch, maar het zou nog dynamischer kunnen mochten er ook kleine ondernemingen, creatieve plekken, cafés, een club… gehuisvest zijn.
Aan station Kappellekerk zat vroeger Recyclart. Dat was zo’n succes voor heel wat jongeren die er konden uitgaan, maar het was (Recyclart doet dat nog steeds) een sociale werkplaats. De aanwezigheid van de Recyclart aan Kappellekerk was zo’n meerwaarde. Maar omwille van de brandveiligheidsnormen moesten ze er na 20 jaar weg. Intussen is er enorm in de buurt geïnvesteerd met een stevig masterplan. Zo is er meer groene ruimte, een nieuwe speelruimte en samen met de Brigittineskapel een mooie plek voor jong en oud.
Maar dus, zo’n aanpak mist de omgeving van het Zuidstation en de NMBS kan een cruciale rol spelen in die buurt meer te laten floreren zodat het voor reizigers een aangename plek wordt waar je kan vertoeven en geen pipi-geur en ik-moet-uitkijken-dat-ik-niet-bestolen-word-plek.
Na meerdere klachten en de Brusselse regering die aangaf dat ze zelf de problemen rond het station niet meer meester konden, kwam er een grote ‘opkuis’. In alle eerlijkheid kon ik al raden dat dit slechts een futiele pleister op de wonde zou zijn. Het was dan ook allesbehalve succesvol, want de buurtcomités rondom het Zuidstation luidden al snel de alarmbel: “Het probleem is verplaatst!” en enkele maanden later zie je exact hetzelfde probleem terugkeren. Ik nam er in de eerste week van januari de tram en zag er mensen roepen, mensen die net iemand die hun gsm wilden stelen op heterdaad konden betrappen met de nodige verbaal geweld. Er slapen heel wat daklozen rondom het station en de pip-geur is weer de alledaagse herkenning gelinkt aan het Zuidstation.
De kansen voor de ruimtes onder het Zuidstation:
- Net als de C12 een erfpachtovereenkomst heeft met de NMBS zou de NMBS net hetzelfde kunnen doen voor de Fuse om hun een nieuwe locatie te geven nog steeds in het hart van de stad.
- In Berlijn heb je de S-Bahn (de bovengrondse prémetrolijn). Onder deze sporen vind je allerlei cafés en eetgelegenheden maar ook winkels een plek hebben. Hierdoor worden de buurten onder deze vele bruggen en eerst onbenutte ruimte een gezellig vertoeven waarbij de geluiden en het gedaver van de metro bijna een gezellige meerwaarde wordt van de beleving terwijl je er een koffie drinkt.


- Vaak praten politici louter om de ruimtes onder het Zuidstation te benutten voor mensen in armoede zodat het een soort daklozenhub wordt. Het wordt bekeken als een plek met verschillende organisaties die zorg dragen voor mensen die leven op straat. Ik zie het eerder als een en-en verhaal waar zowel mensen in armoede, treinreizigers, toeristen, Brusselaars… er gemengd samen leven en bewegen. Eigenlijk lopen al deze doelgroepen er nu al rond, waarom er dan geen sociale en gezellige meerwaarde van creëren in een aangenamere setting?
